Kalfsoesters, ingewreven met rozemarijn en knoflook, kort gebakken en dan afgeblust met witte wijn en witte druiven tot een rijke, licht zoete jus.
Hoofdingrediënten:
Kalfsschnitzel, Druif (Wit)
Ingrediënten
- 14 Stuk
Kalfsschnitzel(kalfsoesters)
- 1 Takje
Rozenmarijn (Verse)
- 6 Teentje
Knoflook
- 6 Eetlepel
Roomboter (Ongezouten)
- 2 Eetlepel
Olijfolie(bak-olijfolie)
- 300 Milliliter
Witte wijn (droog)(3 dl)
- 300 Gram
Druif (Wit)
- 0 Naar smaak
Zeezout(uit de molen)
- 2 Eetlepel
Balsamicoazijn
Bereiding
Voorbereiding
- Pluk de naaldjes van de rozemarijn en hak ze heel fijn. Pel de knoflooktenen en hak ze ook heel fijn.
- Leg de kalfsoesters naast elkaar op een grote snijplank en wrijf ze aan beide zijden in met rozemarijn, knoflook en zeezout.
Bereiding
- Neem 2 koekenpannen en verhit in elke pan 1 eetlepel olie en 3 eetlepels boter. Leg er, wanneer de boter begint te schuimen, de kalfsoesters in en bak ze aan beide kanten goudbruin.
- Schep het vlees uit de pan en zet apart.
- Blus de pan met de witte wijn, schep de aanbaksels van de bodem los en laat de wijn inkoken.(5 minuten)
- Doe de druiven en het vlees in de pan en zet het vuur laag, zodat de wijn net tegen de kook aan blijft. Smoor het vlees gaar.(4 minuten)
- Haal het vlees uit de pan en houd warm. Zet het vuur nog even helemaal hoog zodat de saus iets indikt. Doe de saus in 1 pan en klop er nog boter door en de balsamicoazijn.
- Leg op elk bord een kalfsoester en schep er wat saus op.